Wat is hyperventilatie ?

Hyperventilatie is momenteel een discussiefenomeen. Dat wil zeggen dat men er nietover uit is of het een disbalans van stoffen in het lichaam is die de klachten veroorzaken of iets anders. De uitleg is technisch en zal kort zo duidelijk mogelijk worden weergegeven.

Als je hyperventileert, adem je teveel lucht in. In de lucht die we inademen zit zuurstof. Deze zuurstof komt via de longen en het bloed overal in hetlichaam terecht. De zuurstof wordt verbrand en de afvalstof CO2 (koolzuurgas) ontstaat. Dit wordt via het bloed weernaar de longen getransporteerd en uitgeademd. Bij hyperventilatie ging men er altijd van uit dat je zoveel koolzuurgasuitademt, dat hieraan een tekort in het lichaam ontstaat. Door actief kunstmatig te hyperventileren (hyperventilatieprovocatietest) krijg je een CO2 daling en ontstaan kunstmatig de symptomen die men herkent als hyperventilatie.

Recent hyperventilatie onderzoek bij paniekpatiënten geeft aandat er juist géén tekort aan CO2 is. De theorie dat je hyperventilatie bij deze mensen kunt verminderen door ze in eenplastic zakje te laten ademen blijkt hierdoor onjuist. Men gaat er nu vanuit dat het mechanisme dat hyperventilatieveroorzaakt, wordt gevoed door ‘stressoren’ (stress veroorzakende factoren). Bij stressoren kun je denken aan o.a.emotionele stress, cafeïne, zout van melkzuur, hormoonhuishouding, en CO2. Naast de rol die stressoren spelen, wordtde disbalans van ‘zuurstof – koolzuur’ nog steeds als een belangrijke schakel in het geheel gezien. CO2 tekort,bijvoorbeeld door teveel uitademen, lijdt wel tot hyperventilatie maar hyperventilatie komt ook voor in situatieswaarin geen CO2 tekort wordt gemeten. In dit laatste geval spelen andere factoren een rol, de stressoren, die momenteel wetenschappelijk onderzocht worden.

Bijwerkingen die optreden bij hyperventilatie zijn o.a.vermoeide spieren, wat veroorzaakt wordt doordat er meer melkzuur geproduceerd wordt. Bovendien vermindert hetcalciumgehalte in het bloed, hetgeen kan leiden tot samentrekken van de spieren. Je voelt dit als een verkramping,verdoofd gevoel en trillen. Ook loopt de prikkelgeleiding via de zenuwen anders. Dit kan leiden tot een gevoel dat je de wereld in een roes beleeft of dat je concentratieproblemen krijgt.

Het hyperventilatie syndroomvertoont een samenhang met een verstoorde hormoonhuishouding. De stresshormonen, zoals adrenaline en cortisol blijkeneen grote invloed te hebben op het ontstaan maar ook in stand houden van hyperventilatie. Overbelasting,oververmoeidheid en angst zorgen ervoor dat het lichaam deze stresshormonen gaan aanmaken. Het lichaam bereidt zichvoor op inspanning of irreëel gevaar. Gevolg is dat veel mensen dan vanzelf sneller gaan ademhalen dat het hart sneller gaat kloppen.

Acute hyperventilatie

Bij eenhyperventilatieaanval kan de ademhaling hoorbaar versnellen en vaak kan men deze ook niet meer onder controle houden.Het hart kan sneller gaan kloppen en men heeft soms het gevoel dat het hart een slag overslaat. Men gaat transpirerenen wordt bleek. Er ontstaat angst. Het vermoeden rijst dat er iets ernstigs – misschien wel een hartaanval – gaande isen dat men dood gaat. Handen en voeten kunnen gaan tintelen, de mond kan droog worden. Tevens is het mogelijk dat uduizelig wordt, wazig of dubbel gaat zien en dreigt flauw te vallen. Helder denken is niet meer mogelijk. Zonder datdaar enige aanleiding toe is kunt u gaan lachen of huilen. Paniek overheerst op dat moment alles. Na verloop van tijd houdt het echter vanzelf op. Vaak is men daarna erg moe.

Chronische hyperventilatie

Naast de acute vorm van hyperventilatie bestaat er ook een chronische vorm.Chronische hyperventilatie is minder spectaculair en daardoor ook minder eenvoudig te herkennen. Deze vorm vanhyperventilatie komt echter op grotere schaal voor dan acute hyperventilatie. Chronische hyperventilatie wordtgekenmerkt door vage klachten, die echter constant aanwezig kunnen zijn. Dit is logisch omdat men bijna de hele dag\’onbewust\’ aan het hyperventileren is. Het duurt meestal erg lang voordat ontdekt wordt dat men lijdt aan chronischehyperventilatie, want de hierbij optredende klachten kunnen ook vele andere oorzaken hebben. Wanneer dan eindelijk dediagnose hyperventilatie wordt gesteld hebben veel mensen al angsten, zoals o.a. ziektevrees opgebouwd omdat men zo lang in onwetendheid heeft verkeerd.

Wat te doen bij een aanval van hyperventilatie:

Men kan door lichaamsbeweging (b.v.springen, het maken van diepe kniebuigingen, hardlopen, enz.) reeds in een vroeg stadium de klachten proberen terug tedringen. Beweging heeft een ontspannend effect op het lichaam. Ook kan men door bepaalde houdingen aan te nemen de klachten terugdringen. Zo zijn er nog wel meer trucjes om de adem weer onder controle te krijgen.

Het zal duidelijk zijn dat de genoemde trucjes wel hyperventilatieklachten kunnen verminderen, maar de oorzaak van deklachten niet wegnemen. Dit geldt ook voor medicijnen. Zij kunnen wel de spanning en de angst verminderen, maar lossende achterliggende problemen niet op. Er kunnen echter zeker omstandigheden zijn die het gebruik van medicijnen rechtvaardigen. Dit gebeurt echter altijd in overleg met huisarts of specialist.
Belangrijk is de oorzaak van dehyperventilatieklachten te achterhalen. Een psychotherapeutische behandeling kan in sommige gevallen een positieveuitwerking hebben. Ook het bijhouden van een dagboek kan een uitstekend hulpmiddel zijn om te ontdekken welke situaties of spanningen hyperventilatie uitlokken.
Daarnaast levert een ademhalingstherapie een nuttigebijdrage omdat men leert – ook onder moeilijke omstandigheden – de ademhaling onder controle te houden en te ontspannen.

Lijst van klachten die kunnen optreden bij hyperventilatie :

  • Algemeen
    • vermoeidheid, algemene zwakte
    • prikkelbaarheid
    • slapeloosheid
  • Psychisch
    • angst en onrust
    • depressie
    • concentratiestoornissen
    • fobieën
  • Spieren
    • verlamming
    • trillingen
    • stijfheid van handen, vingers, mond
    • tintelingen op de huid
    • algemene spierstijfheid (tetanie)
  • Hart en vaten
    • hartkloppingen
    • overslaan van het hart
    • pijn op de borst
    • koude, klamme handen
  • Centraal zenuwstelsel
    • hoofdpijn
    • duizeligheid
    • bewustzijnsstoornissen
    • wazig zien
  • Long en luchtwegen
    • benauwdheid
    • beklemming op de borst
    • brok in de keel
    • kriebel in de keel
    • zuchten, luchthonger
    • frequent ademen, hijgen
    • pijnlijke ademhalingsspieren
  • Spijsvertering
    • opgeblazen gevoel
    • pijn in de maagstreek
    • winden laten
    • misselijkheid
    • diarree/constipatie

Buiten alle klachten hierboven genoemd kan nog opgemerkt worden dat veel gehoorde klachten bij chronischehyperventilatie zijn: gevoel van zweverigheid in het hoofd, gevoel van onwerkelijkheid en een enorme vermoeidheid.Allemaal te verklaren, de doorbloeding naar de hersenen kan iets minder worden zodat er minder zuurstof naar dehersenen wordt vervoerd, vandaar deze hoofdklachten, onschadelijk voor het lichaam, maar heel erg vervelend. De enormevermoeidheid is te verklaren door het voortdurend last hebben van vage klachten. Verder is één van de reacties van hetlichaam op chronische hyperventilatie vaak een verhoogde productie van melkzuur. Het lichaam probeert zo de pH van hetbloed omlaag te krijgen. Normaal wordt melkzuur geproduceerd wanneer iemand een stevige inspanning levert. Het gevolgvan deze voortdurende melkzuurproductie is dat iemand met chronische hyperventilatie vaak klaagt over vermoeide spieren en dat verklaart dus ook weer het gevoel van vermoeidheid.

Aanverwante klachten

Alle klachten hierboven beschreven kunnen leiden tot een heel ander soortklachten, namelijk angst en paniek. Natuurlijk is iedereen wel eens bang. Angst is ook nodig om te waarschuwen wanneerer gevaar dreigt. Als mensen zonder dat daar aanleiding voor is last hebben van angsten is er echter iets anders aande hand. Deze mensen worden niet bedreigd maar raken toch in paniek. Ze vertonen daarbij veel symptomen vanhyperventilatie: trillen, zweten hartkloppingen etc. Mensen die dit vaak overkomt lijden aan een paniekstoornis. Zeworden op de meest onverwachte momenten overvallen door de angst dood te gaan, gek te worden of de controle over zichzelf te verliezen.

Angst

Hyperventilatie zonder angst komt maar heel weinig voor. Zowel acute als chronische hyperventilatie maakt vaak angstig. Zo angstig dat er paniek kan ontstaan. De gedachte aan angst roept de angst ook weer op.
Omgekeerd kanhet ook zo zijn dat mensen beginnen met angstaanvallen en fobieën en als logisch gevolg daarvan gaan hyperventileren. Dit houdt vervolgens de angst of paniek langer in stand.

Fobie

Mensen die op wat voor manier dan ook een onverwachte angstaanval hebben meegemaakt, gaan vaakvermijdingsgedrag vertonen omdat ze verschrikkelijk onzeker worden. Door dit vermijden ontstaat er langzaam maar zekereen fobie. De gedachte aan de verschrikkelijke ervaring heeft als gevolg vermijdingsgedrag en dit vermijdingsgedrag zorgt op zijn beurt weer voor het ontstaan van een fobie.
Er zijn verschillende soorten fobieën:

  • Enkelvoudige fobie: hierbij is men bang voor een specifiek dier, voorwerp of speciale situatie,bijvoorbeeld voor spinnen, honden, vogels, een lift of de tandarts. Eigenlijk kan zo’n enkelvoudige fobie op vrijwelalles betrekking hebben. Een dergelijke fobie ontstaat vaak in de kinderjaren. Het is opvallend dat deze soort fobie in alle culturen voorkomt.
  • Sociale fobie: deze mensen zijn vaak extreemverlegen en onzeker. Ze zijn voortdurend bang het niet ‘goed’ te doen. Deze mensen durven vaak nieuwe contactenmoeilijk aan en raken daardoor erg geïsoleerd. Sommige sociaal-angstige mensen zijn erg bang op te vallen vanwege eeneventuele lichamelijke reactie, zoals blozen, stotteren, trillen, zweten. Andere mensen zijn erg bang voor afkeurendeopmerkingen over hun lichaam. Ze vinden zichzelf te lang, te kort, te dik of te dun of ze vinden een lichaamsdeel nietgoed, hun neus, oren etc. Een sociale fobie komt net zo vaak voor bij mannen als bij vrouwen en ontstaat meestal tussen het 15e en 20e levensjaar.
  • Agorafobie (straat- en pleinvrees):deze mensen durven nauwelijks alleen thuis, op straat of in grote drukke ruimtes te zijn. Snelwegen, openbaar vervoer,tunnels en files, lege vlaktes, bioscopen, supermarkten en alle andere plaatsen waar men niet makkelijk weg kan komenzijn angstverwekkend. Ook voor deze mensen wordt de wereld steeds kleiner door vermijdingsgedrag. Overigens komt dezelaatste vorm het meeste voor. Geschat wordt dat ongeveer 100.000 Nederlanders, waarvan 60 % vrouwen, last hebben vaneen ernstige vorm van agorafobie. Agorafobie ontstaat meestal tussen het 20e en 30e levensjaar, meestal na een ingrijpende gebeurtenis in iemands leven.

Fobieën en angsten kunnenin een adem genoemd worden met dwangstoornissen. Iemand met een dwangstoornis wordt door angst en onrust steedsgedwongen dezelfde handeling te herhalen. Dit kan zijn: dwangmatig tellen, handen wassen, huis schoonmaken, letten opandere mensen, bijvoorbeeld hoe vaak deze met de ogen knipperen, etc. Vaak gaan mensen door de enorme onrust en doorhet obsessieve gedrag naast de dwangstoornis ook nog hyperventileren. Het is dus niet verwonderlijk dat mensen met eendergelijke stoornis vaak heel erg moe zijn. Deze mensen voeren de hele dag een innerlijke strijd over het wel of nietuitvoeren van de dwanghandeling. Iedereen heeft wel eens dwangmatige trekjes. Het wordt pas echt een probleem wanneerde dwanggedachten dagelijks voorkomen, grote spanningen oproepen en zoveel tijd in beslag nemen dat er eigenlijk geentijd en aandacht meer is voor andere bezigheden. Dwangstoornissen komen even vaak voor bij mannen als bij vrouwen. Ze ontstaan meestal in de pubertijd of tussen het 20e en 30e levensjaar.

Hyperventilatieaanval of paniekstoornis?

Vaak wordt de term ‘hyperventilatie aanval’ verward met de term ‘paniekstoornis’. Wanneer is er sprake van een hyperventilatie aanval en wanneer van is er sprake van een paniekstoornis?

Hyperventilatie aanvallen hebben betrekking op eenplotselinge ontregeling van de ademhaling. Ook bij heftige angst treedt dit op. Daarom worden in het dagelijksetaalgebruik paniekstoornis en hyperventilatie aanvallen nogal eens door elkaar gebruikt. Bij een hyperventilatieaanval gaat het om een begrensde periode van intense angst of gevoel van onbehagen, waarbij vier (of meer) van devolgende symptomen plotseling ontstaan, die binnen tien minuten een maximum bereiken. De angst voor een volgende aanval kan zo groot zijn dat er zich een angststoornis ontwikkelt.

De kenmerken van een acute hyperventilatie aanval

  1. Hartkloppingen, bonzend hart of versnelde hartactie
  2. Transpireren
  3. Trillen of beven
  4. Gevoel van ademnood of verstikking
  5. Naar adem snakken
  6. Pijn of onaangenaam gevoel op de borst
  7. Misselijkheid of buikklachten
  8. Gevoel van duizeligheid, onvastheid, licht in het hoofd of flauwte
  9. Derealisatie (gevoel van onwerkelijkheid) of depersonalisatie (gevoel los van zich zelf te staan)
  10. Angst dood te gaan
  11. Paresthesieën (verdoofde of tintelende gevoelens)
  12. Opvliegers of koude rillingen

Toch hoeven een acute hyperventilatie aanval en een angstaanval niet te duiden op een paniekstoornis. Een paniekstoornis kenmerkt zich door:

  1. De eerste aanvallen treden onverwachtsop. Bijvoorbeeld op de bank, op de snelweg of in bed. Er treedt een intense angst op die uit het niets komt. Deze angst krijg je in een situatie waarin anderen rustig blijven.
  2. In de weken na de eerste aanval treden er vaak spontaan nieuwe aanvallen op.
  3. Er treedt een fobische angst op voor herhaling van nieuwe aanvallen.
  4. Veel mensen met een paniekstoornis gaan situaties ontwijken uit angst om een paniekaanval te krijgen. Dit zijn bijvoorbeeld bioscoop, druktes, lange winkelrijen en openbaar vervoer.

Als je twijfelt of je klachten verband houden met een paniekstoornis dan kan de huisarts hierover vaak uitsluitsel geven.

Geen aanstellerij

Jammer genoeg denken de meeste angst- en fobiepatiënten dat ze de enige zijn met hun probleem. Vaakworden ze ook niet begrepen door hun partner en hun omgeving. Het is ook moeilijk te begrijpen maar misschien isbegrip de eerste stap naar genezing omdat ook de patiënt dan eerder zal accepteren dat hij / zij echt iets mankeert engeen aansteller is. Uit onderzoek is gebleken dat fobieën al eeuwenlang voorkomen. Mensen, die lijden onder dezeklachten moeten uiterst serieus genomen worden. Dit betekent zeker ook voor de omgeving van de patiënt een zware belasting. Mensen raken vaak zonder werk en daardoor wordt ook de financiële situatie er niet rooskleuriger op.

Belangrijk is zo snel mogelijk hulp te vragen als u de verschijnselen van een beginnendepaniek, dwangstoornis of fobie bij uzelf bespeurt. Schaam u niet maar ga praten met de huisarts. Vraag om een goedegedragstherapeutische behandeling eventueel in combinatie met medicijnen. Probeer zo min mogelijk toe te geven aan hetvermijden van de angstaanjagende situatie. Moeilijk, absoluut, maar met de juiste begeleiding is er alle reden tot hoop.

Geef een reactie